Kleinburgerlijke illusies en sociaalrevolutionair antipolitiek

Posted: June 17, 2016 in antipolitiek, Castro, Chaves, Chavez, Cuba, socialisme, Venesuela
Tags: , , , , ,

We vervolgen onze serie artikelen onder de titel “De politieke klassenstrijd van boven”, en vandaag willen we economische en sociale ontwikkeling van de laatste jaren in Cuba en Venezuela analyseren. In het artikel is er vernietigende kritiek van illusies die in de loop der jaren linkskleinburgerlijke politiek m.b.t. regimes in Havana en Caracas hebben gebouwd. We hebben geprobeerd om ons begrip van het concept van de sociaalrevolutionaire antipolitiek, zijn rol in de organisatie van de sociaalrevolutionaire groepen en de vorming van de revolutionaire subjectiviteit te presenteren.

Zoals wij reeds bovenop formuleerden, kan er geen niet- of antikapitalistische staten zijn. Daarom kon en kan ook linkse regeringspolitiek in het tijdperk van het kapitalisme alleen kapitalistisch zijn. We willen hier het kapitalistische economie- en sociaal politiek in de twee linker paradijzen Cuba en Venezuela kort beschrijven.

Boven merkten wij het sociaaleconomische mechanisme, dat vanaf een bepaald punt de staatskapitalistische politbureaucratie pro-privaatkapitalistische politiek overgeeft. Dit punt is reeds in Cuba bereikt. Dat was waarschijnlijk ook de belangrijkste reden in 2015 gemaakte politieke en diplomatieke toenadering tussen Havana en Washington, ook al de links-burgerlijke Flakschiff van “anti-imperialisme”, de junge Welt, andersom, namelijk als een “overwinning van het socialisme” voorstelt. Wij proletarische revolutionairen strijden zowel de concurrentie als de samenwerking tussen het privaat- en de staatskapitalistische regime. “Das Pack schlägt und verträgt sich” – en altijd ten koste van het wereldproletariaat.

Sinds 2012 op de staatskapitalistische eiland in de niet-agrarische sector particuliere bedrijven in coöperatieve vorm zijn toegestaan, die in de horeca, in de afval recycling, transport en andere gebieden werkzaam zijn. Wij zijn altijd tegen de coöperatie illusie die er zowel binnen de marxistische als anarchistische kleinburgerlijke politieke linksen zijn. Coöperaties zijn in het kapitalisme kleinburgerlijke collectieve vormen van de warenproductie. Niets anders stellen ze zich ook op Cuba voor. Coöperaties in het privaat- en staatskapitalisme zijn niet de uitweg uit de klassenmaatschappij, integendeel, veel oorspronkelijk kleinburgerlijk-collectieve vormen van warenproductie ontwikkelden zich tot kapitalistische grote ondernemingen. In Cuba vormen de coöperaties de invalspoort van de sluipende privatisering van het kapitaal. Zo werkten in oktober 2014 473.000 mensen in 188 door de Cubaanse regering goedgekeurde privaatondernemingen in coöperatieve vorm. Dat was 28.000 mensen meer dan aan het begin van 2014. Er worden nog 5mln proletariërs in staatskapitalistische sector uitgebuit. Toch heeft dit duidelijk de tendens te dalen terwijl de private kapitalistische sector groeit. Dat weten we alles van Chinese transformatie naar het privaatkapitalisme.

Zo informeerden de Cubaanse autoriteiten in 2010 dat de private sector moet worden uitgebreid om voor 50.000 staatsmedewerkers, die aan het eind 2011 moeten worden ontslagen, vervangende werkgelegenheid te creëren. Later informeerden de staatsmedia, de spreekbuizen van de “communistische” politbazen, dat de termijn verlengd was. Tussen 2010 en 2013 werden 109.000 banen in de Cubaanse gezondheidssysteem geschrapt.

Toch de linksburgerlijke Cuba-solidariteitsbeweging wil niet zien maar de illusies verspreiden en zichzelf ervan bedwelmen. Zo werd verder het koppig het “socialisme in Cuba” gevierd. Wat veel dames en heren in de beste marxistisch-leninistische traditie “wetenschappelijk” als “socialisme” verklaren, die privaatkapitalistische ideologen met trefzeker instinct als het kapitalisme erkennen. Als een kleine voorproefje zouden wij de volgende opmerkingen op het privéonderneming in Cuba geven die van ideologische gronden niet zo worden genoemd. De Süddeutsche Zeitung van 11 juni 2014 schreef: “De middenweg tussen communisme en kapitalisme leidt via een smalle marmeren trap naar een kale man. Hier boven, op de tweede verdieping van een oud gebouw in Havana heeft Gilberto Valladares zijn salon. Hij is een kapper, een Cubaanse Udo Walz, alleen jonger, zonder bril, zonder baard en geen overblijvende haar op het hoofd. De man, die iedereen ‘Papito’ roept, is avant-gardist, als het om kapsels gaat. Maar als het om meubels gaat is hij traditionalist. De stoelen zijn antiek, het decor is barok. Valladares doet wat het Raúl Castro niet echt zal lukken: Hij beweegt zich met de tijd, houdt nochtans aan de oude dingen vast en verdient daarmee goed geld. Castro’s droom van een nieuw Cuba – in Papito’s Salon is een werkelijkheid. Gilberto Valladares is Cuentapropista. Namelijk degene die ‘voor eigen rekening’ werkt. Zo heet het officieel in Cuba. Men kan hem ook privaat ondernemer noemen maar de woorden ‘privaat’ en ‘ondernemer’ zijn na 55 jaar na de revolutie nog steeds afgekeurd – omdat de woordenschat niet in het systeem past. Dus spreekt de staatsmedia over ‘actualisering van het socialisme’ als Raúl Castro over hervormingen heeft.” (Kubanisches Experiment, http://www.sueddeutsche.de (Cubaanse experiment, http://www.sueddeutsche.de)) Daarnaast lokt het staatskapitalistische regime met zijn SEZ(Speciale Economische Zone) Mariel het private buitenlandse kapitaal op het eiland.

Het einde van de feest – “socialisme van de 21ste eeuw”

Terwijl de staatskapitalistische Cuba is aan de trage weg naar het privékapitalisme is, blief het linksburgerlijke regime in Venezuela vanaf het begin in het kader van de overheidsinterventie in het privékapitalisme. Maar die maakte het enthousiasme voor het merendeel van de wereldwijde politieke linksen over de “socialisme van de 21ste eeuw” geen afbreuk. Deze bezopen door de staatsideologie bende drinkt van iedere politideologische goedkope drank, die onder een linker naambord op de kapitalistische markt te hebben is.

In december 1998 werd Hugo Chávez door de gewonen presidentsverkiezingen de heersende karakter masker Venezuela. Tot aan zijn dood in 2013 was hij het autoritaire uithangbord en zijn wereldwijde linksburgerlijke bewonderaars voerden tijdens zijn leven eromheen persoonlijkheidscultus uit, die na zijn dood massaal uitgebreid werd. Sinds 1999 produceerde het linksburgerlijke regime onder Hugo Chávez vooral illusies. Natuurlijk, een beetje kapitalistisch sociaal politiek, dat de absolute ellende aanzienlijk verminderde, was ook daarbij. Toch had dat met het overwinnen van het kapitalisme niets te maken. Zo werd het centrum van de Venezolaanse hoofdstad Caracas gesaneerd zonder dat het proletarische bewoners verdrongen werden. Het openbaar vervoer werd uitgebreid en de barrios (sloppenwijken) werden erkend als gelijke delen van de stad. Ze zijn met de kabelbaan aan het openbaar vervoer aangesloten en het gebruik van de stedelijke treinen en bussen is bijna kostenlos. Ook werden voedsel in de staatssupermarkten Mercal of rechtstreeks via vrachtwagens op vaste sterk gereduceerde prijzen verkocht. Tijdens het Chávez-regime steeg het aantal leraren van 65.000 tot 350.000.

Dit sociaal beleid werd vooral gefinancierd door de inkomsten van al voor de democratische machtverovering van de Chávisten oliemaatschappij Petróleos de Venezuela (PDVSA). Het Chávisme belichaamde een staatsinterventionistische regering en staatskapitalistische tendens in het kader van het privékapitalisme. Chávez beoefende het typische sociaaldemocratische politiek van de staatsherverdeling van de politiek toegeëigende meerwaarde ten gunste van het proletariaat om het te bevrienden en in het politieke systeem van het Chavez regime te integreren. Het was bereikt doordat het in vrije verkiezingen als stemvee tot nu toe steeds de Chávisten en die door hun opgerichte de Verenigde Socialistische Partij van Venezuela machtigden. Een klassiek sociaaldemocratisch politiek dat in West-Europa wegens de structurele winstproductie crisis niet meer kan worden beoefend. Het merendeel van de Europese kleinburgerlijke politieke linksen, die de ondergang van het Keynesiaanse-sociaaldemocratische staatsinterventionisme in het kader van het privékapitalisme en de Sovjet-Oost-Europese staatskapitalisme mee moesten maken, lieten zich zodoende een beetje “kritisch” of volledig kritiekloos met de nieuwe linke paradijs in.

In aanvulling op het sociaalstaat mythe van de linkse kleinburgerij die met fundamentele sociaalrevolutionaire staatsvijandigheid niets te maken heeft luisterde ook de linkse raadsmythe op het Chávez regime een stralende glans op. In werkelijkheid waren de arbeidsraden van de Russische Revolutie en het revolutionaire naoorlogse crisis in Duitsland echte organen van de proletarische zelforganisatie in de klassenstrijd maar ze werden aan het begin door de sociaaldemocratische en “communistische” politbazen gedeformeerd. In privékapitalistische Duitsland werd het radensysteem ten gunste van de parlementaire democratie geliquideerd en ook in de staatskapitalistische Sovjet Unie bleef van de oorspronkelijke sovjets (raden) alleen de naam over. Zij waren in werkelijkheid slechts de zeer slecht passende jas die de “communistische” partijdictatuur verhulde. Toch want de huidige linkse kleinburger(es)s(en) de oude sociaaldemocratische en “communistische” ideologieën kunnen reproduceren maar structureel zijn niet in staat de beginselen van de klassenstrijd aan te leren, kan zich elk linkskapitalistisch regime met “raden” tooien – en ze springen uit de band. Zelfs het Chávez regime tooide zich met raden de linkse kleinburger(es)s(en) vierden dit wereldwijd uitvoerig.

Toch ook bij niet weinigen linkse kleinburger(es)s(en) volgt de kater na de feest. Vervolgens staat op punt wat “kritiek” bekend te worden, maar ook niet te veel want uiteindelijk wil mens zich niet het volgende linksburgerlijke illusiefeest verknallen laten… Een zulke kritiek op de raden binnen het Venezolaanse kapitalisme vrijwel het einde van het feest van “socialisme van de 21ste eeuw” uitvoerde Jörg Roesler. Hij schreef over de raden in het kader van de staat: “De vergaande beperking van het economisch beleid op de bescherming van de voorwaarden voor een herverdeling beleid ten gunste van de armen – om niet te zeggen: voor giften aan de armere klassen in het geval van ontheemden tegen lage prijzen in de barrios van consumptiegoederen oftewel aan elke Venezolaanse burger als de symbolische benzineprijs gelijk aan twee eurocent per liter – verlokte tot misbruik en bleef niet zonder gevolgen voor de “Bolivariaanse Revolutie” zelf. Die voor de typische basisdemocratische beweging – de verschillende vormen van regionale raden en initiatieven, met inbegrip van de wijkraden, die het lokale zelfbestuur zouden moeten zekerstellen, en in de eerste jaren na Chávez machtsaanvaarding in de sloppenwijk in feite frisse wind brachten – zijn geen voorhoede van de revolutie meer.”(Jörg Roesler, Holländische Krankheit, in: Junge Welt van 25 maart 2015. p.13)

Wij maken een korte pauze, de heer Roesler, dus we bieden wat je eerder zei, kan worden onderworpen aan een kritische analyse. Heer Roesler stelt verder vast dat de hele basisdemocratische radenstructuren zijn geen voorhoede van de revolutie meer. Wat Revolutie, heer Roesler? De sociale revolutie, die alleen de omverwerping van de linksburgerlijke regimes kan betekenen, zeker niet. Ja, de basisdemocratie is een kleinburgerlijke speeltuin in het kader van het parlementaire-democratische dictatuur van de bourgeoisie, in het kader van ook het Chavista regime ageerde en ageert. Deze rol speelt de basisdemocratie overal in de wereld. En in het kader van de politieke structuren werd in het kapitalisme ook de concurrentiestrijd van politbazen voor materiële sinecure en het bekleden goede posten uitgevoerd. Zo was en is het ook in de gave basisdemocratie in Venezuela.

Ook Roesler moet het toegeven: „Zij (de regionale raden en initiatieven) zijn vandaag, schrijft een van de beste experts in het land, die in Bogotá lerende Universiteitsprofessor Raul Zelik, in de eerste plaats bezig met elkaar voor fondsen te strijden. Ook de staatsambtenaren, veelal uit locale arden aan een overheidsfunctionaris gekomen, denken volgens Zelik niet anders. Omdat de maatschappelijke rijkdom in Venezuela van de olie-inkomsten afhankelijk is en ze over het hele land verspreid worden, vormen ambtenaren en particuliere ondernemers steeds van nieuwe een onlosmakelijke politeconomische graaicultuur. Tegelijkertijd in de staatsstructuren en om hen heen ontstond een nieuwe strevende naar boven heersende klasse.” (Aldaar)

Ja, de Venezolaanse illusie feest loopt langzaam af. Sinds 2013 met Chávez de politieke boegbeeld van het linksburgerlijke regime stierf, raakte deze duidelijk in de crisis. Het relatief groothartige sociale beleid ligt aan het infuus van de middelen van de staat olie-inkomsten. Hun basis smolt onder druk van de dalende prijzen op de wereldmarkt voor aardolie weg. Dit leidde tot een diepe polit-economische crisis in Venezuela. Aan het einde van 2014 steeg de Venezolaanse inflatie tot 68,5%. De linksburgerlijke regering onder Chávez opvolger Nicolás Maduro reageerde daarop met een nationalistisch “anti-imperialistische” retoriek tegen de Verenigde Staten die deze met hun politieke en diplomatieke confrontatie koers tegen het regime begunstigt. Zoals het altijd is begon de internationale kleinburgerij te zeuren. Op ons proletarische revolutionairen kan het linksburgerlijke regime geen indruk maken want we nooit in de internationale machtstrijd van natiestaten voor ene van partijen opstaan. Ze zijn allemaal structurele klassenvijanden van het wereldproletariaat. En het linksburgerlijke Maduro-regime scherpt alleen door volmacht in 2015 zijn autoritaire klauwen …

Conclusie: Er kan geen antikapitalistische regeringspolitiek zijn, omdat de staat in het tijdperk van het kapitalisme of idealistische (het privé kapitalisme) oftewel praktische collectieve kapitalist (staatskapitalisme) en het geweldapparaat is, die de dwangmaatregelen van kapitaalvermeerdering moet verwezenlijken, als hij(de staat) in de globale concurrentiestrijd succesvol wil zijn. Toch als er geen antikapitalistisch regeringspolitiek kan zijn, dan is er zeker geen antikapitalistisch oppositie politiek. Maar juist deze illusie proberen steeds maar weer opnieuw links sociaaldemocratische en “communistische” partijen te genereren. We hebben al geschreven dat ook parlementsleden van de oppositie op de toegevoegde waarde leven die de staat door het belasten van de bourgeoisie het proletariaat en kleinburgerij toe-eigent, en in de vorm van parlementaire diëten zich uitstrekt. Door de kapitalistische uitbuiting van het proletariaat leven, maar toch voor anti-kapitalistische perspectieven vechten?! Dit werkt niet in de praktijk. In de praktijk de reproductie van de kapitalistische productiewijze en het burgerlijke politiek door de linkse sociaaldemocratische en “communistische” partijen, de “antikapitalistische perspectieven” zijn pure propaganda en ideologie. Met de protestkiezers lokken zij aan en op deze manier worden zij in de democratische dictatuur van het kapitaal geïntegreerd.

Sociaalrevolutionaire antipolitiek

Reeds de organisatievorm van de partij is geen klassenneutraal maar burgerlijk. Partijen reproduceren de burgerlijke klassenmaatschappij in de vorm van een bureaucratisch apparaat dat de politieke macht en een min of meer machteloze kleinburgerlijke en proletarische basis, die het politiek van het apparaat goedkeurt en door lidmaatschapsgelden financiert. Zo was het in de SDAP en in de “C”PN en zo is het in de VVD, de PvDA en Groenlinks. Er kan geen communistische partijen zijn – de “communistische” partijen waren en zijn de meest leugenachtige van de burgerlijk-anticommunistische.

Burgerlijke partijen strijden voor de staatsmacht. Zij kunnen of door middel van vrije verkiezingen ofwel door staatsgrepen aan de macht komen. Kapitalistisch politiek is partij dictatuur. Er is slechts het onderscheid tussen kapitalistische partijdictaturen van de fascistische of marxistisch-leninistische aard of pluralistisch-democratische meerpartijen dictaturen. Oh ja, de vrije verkiezingen! De proletariërs kunnen bij deze voor de partij A of de partij B stemmen, maar ook stembiljet ongeldig maken of gewoon thuis blijven: zij krijgen op de elke verkiezing de kapitalistische dictatuur die door de democratische verkiezingcircus niet in twijfel trekt, maar alleen kan worden gelegitimeerd. De kapitalistische uitbuiting kan weder verkozen, noch niet verkozen, zij kan alleen door middel van klassenstrijd en door de revolutionaire zelf-afschaffing van het proletariaat weggegooid worden. Linkssociaaldemocratische of “communistische” partijen brengen alleen kleinburgerlijke professionele politici voort die structureel daarna streven grootburgerlijk te worden. Dat betekent dat de bourgeoisie hen als deel van haar politieke personeel moet erkennen en de kiezers moeten ze door middel van verkiezingen het mandaat voor het regeren geven.

Er waren en zijn slechts groot- of kleinburgerlijke politieke partijen maar geen proletarisch-revolutionairen. Wanneer de trotskisten en sommige links-“communisten” beweren das bolsjewistische partij onder Lenin en Trotski een proletarisch-revolutionair was en daarom de machtsovername door deze in oktober 1917 was een proletarische revolutie dan bedriegen ze zichzelf en het wereldproletariaat. Niet het Russische proletariaat veroverde in oktober 1917 de politieke staatsmacht, maar de bolsjewistische professionele politici die in de zomer van 1918 de industrie nationaliseerde en een staatskapitalisme creëerde. Kleinburgerlijke politiek reproduceerde de kapitaalverhouding in genationaliseerde vorm. Want politiek kan in het tijdperk van het kapitalisme alleen kapitalistisch zijn. Echte antikapitalisme kan daarom alleen antipolitiek zijn.

Sociaalrevolutionair antipolitiek overwint de burgerlijke vorm van de organisatie van de politieke partij. Sociaalrevolutionaire groepen kunnen en willen geen partijen zijn en geen politiek beoefenen. Zij willen partijen en het politiek als een uiting van het kapitalisme overwinnen, maar niet voor de duizendste keer reproduceren, met inbegrip van alle nieuwe linkse hoop, weer alleen de duizendste kopie van een sociaaldemocratische verkiezingsploeg, structureel gedoemd is. In sociaalrevolutionaire groepen moeten proletariërs en echte sociaalrevolutionaire intellectuelen de klassenverdeling tussen intellectueelleidende en praktisch-uitvoerende activiteiten overwinnen. Proletariërs moeten in sociaalrevolutionaire groepen leren flyers, brochures en boeken schrijven – ondanks loonwerk en werkloosheid. Sociaalrevolutionaire intellectuelen moeten de proletarische revolutionairen hier helpen om de intellectuele vermogens op te leiden en vervolmaken. In sociaalrevolutionaire groepen mogen geen professionele politici postvatten, alle functies moeten vrijwillig zijn en roteren – en vooral moet elk lid zo actief als mogelijk zijn. De strijd tegen de bureaucratische en autoritaire tendensen moet in de sociaalrevolutionaire groepen permanent zijn – zodat het kleinburgerlijke politiek niet in de eigen gelederen gereproduceerd wordt.

Sociaalrevolutionaire antipolitiek streeft niet naar de politieke verovering van de staatsmacht in de naam van het proletariaat maar de vernietiging van de staat door zichzelf revolutionaire afschaffende proletariaat aan. Het neemt niet aan de democratische verkiezingscircus deel. Noch treedt het zelf bij verkiezing aan, noch wakker het illusies in de linkssociaaldemocratische of “communistische” verkiezingsgroepen aan. Maar het roept ook niet oppervlakkig verkiezingsboycot op. Ook niet stemmen verandert niets. Het richt zich volledig op de bestaande proletarische klassenstrijd, en probeert dit verder te radicaliseren. Sociaalrevolutionaire antipolitiek streeft niet de leiding over het proletariaat aan maar de collectieve proletarische zelforganisatie in de klassenstrijd. Het past zich niet opportunistisch aan de conservatieve illusies van het proletariaat aan, maar het is ook niet zo sektarische, om niet te weten, dat zich het proletariaat ook in de strijd voor illusies kan radicaliseren. Sociaalrevolutionaire antipolitiek bevordert de strijd en treedt de illusies genadeloos tegemoet zodat zich de strijdenden door hun strijd voor illusies radicaliseren. Het is de knuppel die proletarische revolutionairen boven de hoofden van economische bazen en politbazen latten dansen, de hamer waardoor alleen de kapitalistische warenproductie en het burgerlijke politiek kan worden gebroken, de bulldozer de plats voor de mogelijke klassen- en staatloze maatschappij creëert. Sociaalrevolutionaire antipolitiek is niet het resultaat van onmenselijke wettigheid, maar het gevolg van koortsachtige proletarisch-revolutionaire subjectiviteit.

Echter moet een revolutionaire subjectiviteit de objectieve voorwaarden volledig beseffen waarin zij fungeert. Proletarische revolutionairen weten dat de radicalisering van de klassenstrijd 90% niet van hen maar van de ups en downs van de kapitaalvermeerdering (bloei of crisis) en van de sociaal-psychologische reactie van de meerderheid van het proletariaat (meestal apathie of massaal verzet) afhangt. Toch wanneer door buitengewone omstandigheden mogelijkerwijs een revolutionaire situatie ontstaat, dat wil zeggen zich een toestand van de maatschappij ontwikkelt, waarbij de machthebbers niet meer met de oude manier kunnen regeren en door het kapitaal heersende proletariaat niet meer verder kan en wil leven net als vroeger – dan krijgt mogelijkerwijs het bewuste sociaalrevolutionaire antipolitiek zijn beurt, waardoor het strijdende proletariaat materiële kracht wordt. Het zal een oriëntatie voor de openbare collectieve verovering van productie krachten geven, de afschaffing van alle eigendomsvormen van warenproductie (private, publieke en coöperatieve), de overwinning van de loonarbeid en waar-geld-verhoudingen, evenals de vernietiging van de staat.

Advertisements

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s